Mot

Vriendin aan de telefoon. Ik heb mot in huis, zegt ze. O jee, zeg ik, wat is er aan de hand?! Nou, mot in huis!

Eh… ja…? zeg ik.

Een wat ongemakkelijke stilte volgt. Gekraak onder wederzijdse hersenpannen.

Tegelijkertijd beginnen we weer te praten. Oh, haha, jij denkt dat we mot hebben?! Nou nee hoor, alles koek en ei! En ik: Oh, je bedoelt dat jullie écht mot in huis hebben. Met vleugeltjes, die dingen?! 

Ja, die dingen! Motten! Ze vliegen door de keuken en ik snapte maar niet waar ze vandaan kwamen. Trek ik op een dag de keukenla open, vliegt er een mot in m’n gezicht. Blijken ze hun onderkomen in de keukenla te hebben! Ik had al eens een grijzig, spinnenwebbig spulletje weggehaald dat tussen de pakken meel en havermout zat, maar na een tijdje was het gewoon weer terug. Dat zijn dus de larven hè! En hun uitwerpselen. Goor! Nu heb ik van die plakdingetjes in de keuken hangen en wat denk je? Na één nacht zaten er al drie mannetjesmotten aan vastgeplakt. Ik herken ze, want ze hebben zo’n streepje op de rug. Heb natuurlijk ook alles meteen goed schoongemaakt en de hele keukenlavoorraad in de kliko gekieperd.

Nu moet ik alleen nog lavendeltakken op de kop tikken, want daar houden ze niet van. En ik wel. Ruikt de hele keuken meteen naar zomer…

Ik hou van dit soort spraakverwarringen. Als het gebeurt is het wat ongemakkelijk, maar achteraf moet ik er altijd om gniffelen. Tenminste als het – zoals hier – tijdens het gesprek wordt opgelost. Voor mij hoort het bij de kleine geneugten des levens…

2 thoughts on “Mot

  1. En wat mot je? of: wat motje? Deed me denken aan de leraar Nederlands die de betekenis van de ‘komma’ besprak. Hij gebruikte het regeltje: Dood niet levend. De plaats van de komma werd ineens beslissend over leven en dood! Nou ja, over spraakverwarring gesproken. Of is het leesverwarring?

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *